Waarom?
Wanneer ik vandaag terugkijk op mijn kinderjaren, besef ik dat er één woord was dat telkens opnieuw in mijn gedachten terugkwam. Waarom? Waarom vertrokken vaders iedere ochtend zo vroeg naar hun werk? Waarom waren wij uit Italië weggegaan? Waarom spraken sommige kinderen thuis Italiaans en op school Nederlands? Waarom waren sommige mensen arm en anderen rijk? Waarom overkomen goede mensen mooie dingen — en waarom worden ook zij door tegenslagen getroffen? Ik stelde die vragen niet altijd hardop.
Meestal hield ik ze voor mezelf. Ik keek. Ik luisterde. En ik probeerde te begrijpen. Misschien ontstond daar al de gewoonte die mij mijn hele leven is bijgebleven: het verlangen om verder te kijken dan wat zichtbaar is. Ik kon urenlang gewoon naar mensen kijken. Niet om hen te beoordelen.
Maar om hen te begrijpen. Waarom glimlacht iemand? Waarom zwijgt iemand? Waarom lijkt iemand gelukkig, terwijl zijn ogen een heel ander verhaal vertellen? Zulke vragen fascineerden mij. Ik denk dat ik al heel jong begreep dat ieder mens een verhaal met zich meedraagt. Een verhaal dat je nooit kunt begrijpen door alleen maar naar iemands gezicht te kijken.
Later in mijn leven zou ik duizenden mensen ontmoeten. Mijnwerkers. Verkopers. Architecten. Bedrijfsleiders. Kunstenaars. Ondernemers. Uitvinders. Priesters. En telkens opnieuw ontdekte ik dezelfde waarheid. Achter iedere glimlach schuilt een verhaal. En achter iedere stilte nog een ander. Mijn nieuwsgierigheid beperkte zich niet tot mensen. Voorwerpen fascineerden mij evenzeer.
Wanneer iets stukging, wilde ik weten waarom. Wanneer ik zag dat een machine beter zou kunnen werken, vroeg ik mij af waarom niemand had geprobeerd haar te verbeteren. Ik nam dingen in mijn handen. Bekeek ze aandachtig.
En probeerde te begrijpen hoe ze waren gemaakt. Toen had ik nog geen idee dat die nieuwsgierigheid de rode draad door mijn hele leven zou worden. Dat ze mij naar de wereld van de espresso zou brengen.
Naar de wereld van keramische tegels. Naar innovatie. Naar software. En vele jaren later zelfs naar artificiële intelligentie, waarvan ik de ontwikkeling met grote nieuwsgierigheid ben blijven volgen. Het begon allemaal met één heel eenvoudig woord. Waarom? Nieuwsgierigheid is misschien wel een van de mooiste geschenken die een kind kan krijgen. Niet omdat ze alle antwoorden geeft.
Maar omdat ze het verlangen wekt om te blijven zoeken. In de loop van mijn leven heb ik veel antwoorden gevonden. Maar ik heb ook geleerd dat sommige vragen belangrijker zijn dan de antwoorden zelf. Waarom ontmoeten bepaalde mensen elkaar precies op het juiste moment? Waarom kan één enkele beslissing een heel leven veranderen? Waarom lijken sommige toevalligheden, wanneer we er later op terugkijken, helemaal geen toeval meer? Op die vragen bestaan geen definitieve antwoorden.
En toch hebben ze mij mijn hele leven vergezeld. Sommige mensen noemen het intuïtie. Anderen noemen het het lot. Nog anderen noemen het de Voorzienigheid. Wat mij betreft, weet ik alleen dat het leven mij veel vaker heeft verrast dan ik ooit had kunnen denken. Misschien is dat ook de reden waarom ik altijd open ben gebleven voor nieuwe ideeën. Ik heb nooit geloofd dat alles al is uitgevonden. Dat alles al is geschreven.
Dat er niets meer te ontdekken valt. Integendeel. Ik heb altijd geloofd dat iedere nieuwe dag ons de kans geeft iets nieuws te leren. Wanneer ik vandaag jonge mensen ontmoet, is er één ding dat ik hun boven alles toewens: Verlies nooit je nieuwsgierigheid. Onderwijs is belangrijk. Ervaring is belangrijk.
Maar het verlangen om vragen te blijven stellen, is misschien nog waardevoller. Want op de dag dat iemand denkt alles te weten, stopt hij met groeien. Vandaag ben ik een oude man. Maar diep in mij leeft nog altijd dat kleine jongetje uit de mijncité. Het jongetje dat met grote, open ogen naar de wereld keek en nooit ophield te vragen: Waarom? En misschien is dat precies waarom ik dit boek heb geschreven.
Niet omdat ik alle antwoorden heb gevonden. Maar omdat ik hoop mijn zoektocht door te geven aan de generaties die na mij komen.