← Alle hoofdstukkenTerug naar mijn website

RENATO ROSSI · Integrale editie

Leesinstellingen

Mijn moeder – De stilte waarin liefde woonde

Wanneer ik aan mijn moeder denk, is het niet haar stem die ik als eerste hoor. Het is haar aanwezigheid die ik voel. Sommige mensen vullen een kamer met hun woorden. Mijn moeder vulde een huis met warmte. Haar naam was Guglielmina Di Pasquale. Voor de buitenwereld was zij gewoon een Italiaanse vrouw. Voor ons was zij het hart van ons gezin. Ze zocht nooit de aandacht. Ze verlangde nooit naar lof of bewondering.

Haar grootste wens was eenvoudigweg haar kinderen gelukkig te zien. Mijn moeder heeft geen gemakkelijk leven gehad. Ze verloor haar dochter, Lidiola. Ze zag haar man naar België vertrekken om in de steenkoolmijnen te werken. En later verliet ook zij haar geboorteland om haar gezin weer samen te brengen.

Wanneer ik daar vandaag aan terugdenk, vraag ik mij vaak af waar zij die buitengewone moed vandaan haalde. Want ze klaagde bijna nooit. Misschien vond ze dat een moeder sterk moest zijn. Misschien wilde ze niet dat haar kinderen haar verdriet zagen. Of misschien was liefde voor haar eenvoudigweg iets wat je leefde. Niet iets waarover je sprak. Ik herinner mij haar handen. Altijd bezig. Brood kneden. Groenten snijden. Kleren herstellen. Een knoop weer aannaaien.

Een traan wegvegen. Die handen kenden nauwelijks rust. Als kind merk je zulke dingen niet op. Je denkt gewoon dat moeders er altijd zullen zijn. Pas wanneer we ouder worden, beginnen we te begrijpen hoeveel liefde verborgen zit in die kleine, alledaagse gebaren. Mijn moeder had geen dure geschenken nodig. Geen verre reizen. Geen luxe. Haar grootste geluk was haar kinderen samen thuis te zien.

Wanneer de hele familie rond dezelfde tafel zat. Wanneer gelach het huis vulde. Wanneer iedereen genoeg had. Dat was haar rijkdom. En ik geloof dat die manier van naar het leven kijken een deel van mij is geworden. Later in mijn leven heb ik veel gereisd. Ik heb duizenden mensen ontmoet. Ik heb aan tafel gezeten met succesvolle ondernemers en zakenmensen.

Maar nooit heb ik mij rijker gevoeld dan wanneer ik aan de keukentafel van mijn moeder zat. Daar leerde ik dat geluk niet afhangt van wat er op tafel staat. Het hangt af van wie er rond die tafel zit. Soms vraag ik mij af of ik haar wel genoeg heb bedankt. Waarschijnlijk niet. Kinderen denken altijd dat hun ouders er voor altijd zullen zijn. Pas wanneer ze er niet meer zijn, begrijpen we werkelijk hoeveel ze ons hebben gegeven.

Mijn moeder hield geen lange toespraken voor mij. Ze legde mij nooit uit hoe ik mijn leven moest leiden. Ze liet het mij zien. Door haar geduld. Door haar eenvoud. Door haar trouw. Door haar liefde. En misschien is dat de reden waarom ik haar vandaag nog altijd zo dicht bij mij voel. Niet omdat ik haar iedere dag zie.

Maar omdat ik iedere dag opnieuw iets van haar terugvind. In een gebaar. In een herinnering. In de manier waarop ik naar andere mensen kijk. Als iemand mij zou vragen wie de belangrijkste vrouw in mijn leven is geweest, zouden velen verwachten dat ik onmiddellijk antwoord:

‘Mijn vrouw.’

Maar dat zou niet eerlijk zijn tegenover mijn moeder. Want voordat ik leerde lief te hebben als echtgenoot, leerde ik eerst lief te hebben als zoon. En die eerste liefde dragen we de rest van ons leven met ons mee. Soms denk ik dat moeders nooit werkelijk sterven. Zolang hun kinderen blijven leven volgens de waarden die zij hun hebben meegegeven, blijven zij bij hen. Zo is het met mijn moeder. Ze leeft voort.

In mij. En in alles wat ik, dankzij haar, in mijn leven heb mogen worden.

Familiefoto uit Mijn Leven
Ons gezin rond mijn moeder Guglielmina.
Familiefoto uit Mijn Leven
Mijn ouders, Guglielmina en Antonio, samen.
Familiefoto uit Mijn Leven
Mijn vader Antonio op De Lindeman.
Familiefoto uit Mijn Leven
Mijn vader met mijn broer Carmine en mij.
Familiefoto uit Mijn Leven
Mijn vader en moeder op de dag van hun vijftigste huwelijksverjaardag een kostbare herinnering aan hun lange leven samen.