Hoofdstuk 11 De jonge Renato kiest zijn eigen weg
Er komt een moment in het leven van ieder kind waarop de wereld plotseling veel groter wordt. Niet omdat de straten veranderd zijn. Maar omdat onze manier van kijken veranderd is. Voor mij was dat moment aangebroken. De rustige jaren in de mijncité lagen achter mij. Luik werd langzaam mijn nieuwe thuis. Ik was geen kleine jongen meer. Maar ik was ook nog geen man. Ik bevond mij tussen twee werelden. Zoals zoveel jongeren van mijn generatie wist ik dat mijn jeugd niet eeuwig zou duren. Binnenkort zou ik mijn eigen weg moeten vinden. Zelf mijn brood verdienen was in die tijd geen verre gedachte. Het hoorde gewoon bij het leven. Mijn ouders hadden hun hele leven hard gewerkt om ons kansen te geven die zij zelf nooit hadden gekregen. En juist daarom wilden zij ook het beste voor mijn toekomst. Mijn vader en mijn oudste broer hadden voor mij een studierichting gekozen: elektromechanica.
Hun keuze was begrijpelijk. Wij woonden in de streek van Luik, waar de metaalindustrie een belangrijke werkgever was. Zij waren ervan overtuigd dat een technische opleiding mij later de beste kansen zou geven om een goede en zekere baan te vinden. Voor hen betekende een diploma zekerheid. En na alles wat mijn ouders in hun leven hadden meegemaakt, was zekerheid geen klein woord. Maar diep vanbinnen voelde ik dat mijn interesses ergens anders lagen. Ik wilde talen leren. Ik voelde mij aangetrokken tot handel. Tot mensen. Tot verkopen. Tot de wereld buiten de fabriekspoorten. Hoewel ik op school altijd bij de betere leerlingen behoorde, was ik voor die technische richting nooit werkelijk gemotiveerd. Ik kon de leerstof aan. Maar mijn hart lag er niet. Dat verschil werd met de jaren steeds duidelijker. Thuis leidde het regelmatig tot onenigheid. Mijn vader en mijn oudste broer zagen een veilige toekomst voor mij.
Ik zag een leven dat niet bij mij paste. Geen van ons bedoelde het slecht. We keken eenvoudig op een andere manier naar mijn toekomst. Maar als jonge man had ik nog niet de rust en de levenservaring om dat zo te begrijpen. De spanningen liepen steeds verder op. Tot ik uiteindelijk, amper drie maanden voordat ik mijn A2-diploma had kunnen behalen, impulsief besloot de school te verlaten. Het was geen zorgvuldig voorbereid besluit. Het was de beslissing van een jonge man die het gevoel had dat hij eindelijk zelf over zijn leven moest kunnen beslissen. Die keuze veroorzaakte veel spanningen binnen onze familie. Mijn vader begreep niet waarom ik zo dicht bij het einde alles opgaf. En vandaag, zoveel jaren later, kan ik zijn teleurstelling veel beter begrijpen dan toen. Hij had zijn hele leven gewerkt en offers gebracht zodat zijn kinderen konden studeren.
Voor hem moet mijn beslissing moeilijk te aanvaarden zijn geweest. Maar ook voor mij was het geen gemakkelijke periode. Ik wist heel goed wat ik níét wilde. Alleen wist ik nog niet precies hoe ik moest bereiken wat ik wél wilde. Toch groeide er naast die onzekerheid iets anders in mij. Nieuwsgierigheid. Ik wilde de wereld ontdekken. Mensen ontmoeten. Talen spreken. Handel drijven. Begrijpen hoe bedrijven werkten. Hoe producten werden gemaakt en verkocht. Waarom sommige ondernemers slaagden en anderen niet. Zonder dat ik het zelf besefte, begon in die jaren de ondernemer in mij langzaam wakker te worden. Niet de ondernemer die ervan droomde rijk te worden. Maar degene die overal nieuwe mogelijkheden zag. Die geloofde dat bijna alles beter kon. Dat deel van mijn karakter zou mij mijn hele leven blijven vergezellen. Soms zou het mij naar grote successen leiden. Op andere momenten naar pijnlijke teleurstellingen.
Maar ik kon het niet veranderen. Ik heb altijd liever geprobeerd een nieuwe weg te openen dan eenvoudig een pad te volgen dat anderen al voor mij hadden uitgestippeld. Mijn ouders zouden dat karakter nog vaak in mij herkennen. Soms met trots. Soms ongetwijfeld ook met bezorgdheid. Want wie zijn eigen weg kiest, neemt ook het risico om verkeerd te lopen. En dat is mij in mijn leven meer dan eens overkomen. Maar iedere keer moest ik opnieuw leren. Vallen. Weer opstaan. En opnieuw beginnen. Misschien begon juist daar mijn echte volwassenwording. Niet op de dag dat ik de school verliet. Niet op de dag dat ik mijn eerste werk vond. Maar op het moment waarop ik begon te begrijpen dat zelf je weg kiezen ook betekent dat je zelf de verantwoordelijkheid moet dragen voor de gevolgen. In die tijd had ik geen idee welke mensen ik later zou ontmoeten.
Ik wist niet dat koffie mijn eerste grote passie zou worden. Ik wist niet dat keramische tegels ooit de loop van mijn leven zouden veranderen. Ik wist niet dat Marco later mijn zakenpartner zou worden. Of dat het leven mij zowel buitengewone successen als diep verdriet zou brengen. Dat alles lag nog verborgen achter de horizon. Ik was gewoon een jonge man. Met ontelbare vragen. Ontelbare dromen. En een onwankelbaar vertrouwen in de toekomst. Misschien is dat wel de grootste rijkdom van de jeugd. Je weet niet wat het leven voor je in petto heeft. En juist daarom durf je te dromen. Wanneer ik vandaag terugdenk aan die jonge Renato, kan ik niet anders dan glimlachen. Hij wist nog zo weinig. Hij nam soms beslissingen die hij beter wat langer had kunnen overdenken. Maar hij bezat één eigenschap die onbetaalbaar was. Hij gaf nooit op voordat hij het tenminste had geprobeerd. Die eigenschap zou mijn hele leven mee bepalen. Ten goede. En soms ten kwade. Maar zonder haar zou ik nooit de man zijn geworden die ik vandaag ben.